Opnieuw goed nieuws over de Wet bevordering wooncoöperaties: ook het kabinet steunt het wetsvoorstel van Sandra Beckerman, bleek op 18 juni. Minister Boekholt-O’Sullivan (VRO) adviseerde de Tweede Kamer om het wetsvoorstel goed te keuren. Op 30 juni zal de Tweede Kamer stemmen over het wetsvoorstel en de ingediende moties.
“Het gaat om huizen bouwen, maar het gaat ook om thuizen bouwen” – Minister Boekholt-O’Sullivan (VRO)
Donderdag 18 juni 2026 boog de Tweede Kamer zich opnieuw over het wetsvoorstel ter bevordering van wooncoöperaties. Na een eerste ronde op 10 juni, waarin verschillende partijen hun (overwegend positieve) reactie gaven op het wetsvoorstel, beantwoordde initiatiefnemer Sandra Beckerman (SP) tijdens deze ronde de vragen die op 10 juni gesteld werden. De partijen konden moties indiene en minister van Volkshuisvesting & Ruimtelijke Ordening Elanor Boekholt-O’Sullivan deelde de visie van het kabinet met de Kamer.

Veel sympathie bij de minister
De minister vatte het standpunt van het kabinet als volgt samen: “Wooncoöperaties dragen bij aan betaalbaar wonen, gemeenschapszin en leefbaarheid van een buurt. Het kabinet is dus positief over het initiatiefvoorstel, omdat het de inzet van dit kabinet ook ondersteunt om meer wooncoöperaties mogelijk te maken voor bewoners die zich daarvoor willen inzetten.”
Ze lichtte toe dat de sociale en maatschappelijke meerwaarde van wooncoöperaties een belangrijke factor is voor het kabinet. “Mensen doen het samen en het leidt tot sociale samenhang. Het is misschien wel goedkoper om het door iemand anders neer te laten zetten, maar dat leidt niet tot dezelfde sociale samenhang waar een wooncoöperatie, waarbij mensen dit echt met elkaar doen, wel toe leidt. Financieel zijn de voordelen dus misschien beperkter, maar sociaal — dat is volgens mij net zo belangrijk, ook als het gaat over gemeenschappen en gemeenschappelijke voorzieningen — heeft dit echt een pre.”
We zijn blij dat de minister de maatschappelijke meerwaarde van wooncoöperaties erkent. Het argument dat zelfbouw duurder zou zijn is in onze ervaring niet altijd van toepassing: coöperatieve initiatieven houden de kosten juist laag omdat de initiatiefnemers in veel gevallen zelf meehelpen bij de bouw. Bovendien bouwen ze zonder winstoogmerk, in tegenstelling tot commerciele partijen.
‘Het gaat ook om thuizen bouwen’
De minister vertelde de Kamer zich hard te willen maken voor de wooncoöperatie. ‘”Wooncoöperaties zijn een welkome aanvulling binnen de volkshuisvesting. Ze bieden ook echt iets anders dan de andere vormen waar we hier in wonen. Belemmeringen om wooncoöperaties als normale woonvorm te zien, wil ik daarom wegnemen.”
Een tegenwerping van Jurgen Nobel (VVD) dat er ook gemeenschappen kunnen ontstaan in woningen die door ontwikkelaars worden gebouwd, pareerde de minister als volgt: “Ik ben het met u eens dat als iemand anders huizen voor je bouwt en je daar samen gaat wonen, daar een gemeenschap kan ontstaan. Het verschil met een wooncoöperatie is dat die gemeenschap ontstaat tijdens de bouw of er soms al daarvoor was. Volgens mij zit daar dus wel een nuanceverschil. Het gaat om huizen bouwen, maar het gaat ook om thuizen bouwen. Het verschil met die t voor “huis” heeft te maken met die gemeenschap.”
Ook de zorg van de VVD dat wooncoöperaties bevorderen ten koste zal gaan van het streven zoveel mogelijk woningen te bouwen nuanceerde de minister: “De heer Nobel weet, denk ik, heel goed dat die 60 miljoen [het bedrag dat de overheid beschikbaar stelt in het Fonds Coöperatief Wonen] niet te vergelijken is met al die andere gelden voor die 100.000 huizen. […] Dit is niet in plaats van al die woningen die er ook gebouwd moeten worden, maar het zijn er potentieel wel 1.000 van die 100.000 die we nodig hebben.”
10 moties
De partijen dienden tien moties in op het wetsvoorstel. Op 30 juni zal er over het wetsvoorstel en deze moties gestemd worden.
- Motie van de SP om de nadere voorschriften omtrent wooncoöperaties ook aan te passen in het Btiv.
- Motie van de SP om te komen tot een structurele en meerjarige financiering van Cooplink.
- Motie van de SP om het Rijksvastgoedbedrijf bij grootschalige gebiedsontwikkeling ten minste 10% als wooncoöperatie te laten ontwikkelen.
- Motie van Groen Links/PvdA (ook bekend als PRO) over speciale aandacht voor wooncoöperaties bij ontwikkeling op grond in handen van de overheid
- Motie van D66 om bij subsidieregelingen voor ouderenhuisvesting ruimte te creëren voor initiatieven die gebruikmaken van het coöperatieve woonmodel
- Motie van D66 over het inzetten van de rijksgrondfaciliteit of andere instrumenten binnen het grondbeleid voor de ontwikkeling van wooncoöperaties
- Motie van de Christenunie om bij de uitwerking van het huurregister wooncoöperaties zodanig mee te nemen dat ze herkenbaar zijn als wooncoöperatie
- Motie van de Christenunie om wooncoöperaties mee te nemen in de bredere aanpak woningdelen en gemeenten informeren over correcte toepassing van de kostendelersnorm
- Motie van de Christenunie over het wegnemen van fiscale ongelijkheden voor wooncoöperaties die voldoen aan de Wet bevordering wooncoöperaties
- Motie van de PVV om bij de evaluatie van de Wet bevordering wooncoöperaties de effecten mee te nemen van gerealiseerde wooncoöperaties op de betaalbare woonsegmenten
Help Cooplink lobbyen!
Sta jij achter Cooplink’s onvermoeibare lobbywerk, en de mooie resultaten daarvan? En zou je er graag nog meer van zien? Laat je waardering blijken door vriend of sponsor te worden, of door een eenmalige donatie te doen!
Dankzij jouw steun kunnen wij ons inzetten om wooncoöperaties een welverdiende stevige positie te geven in Nederland. Zoals met de Wet bevordering wooncoöperaties, het Fonds Coöperatief Wonen, het Solidariteitsfonds en nog veel meer. Doe je mee? Vriend ben je al vanaf € 3,50 per maand (meer mag natuurlijk ook).
